Hoe herkent u een hoofdluisbesmetting?


Een besmetting met hoofdluis begint sluipend. Slechts de overdrachten van een enkel bevrucht vrouwtje is voldoende om een latere luizenplaag te veroorzaken. Zo duurt het over het algemeen minsten 2-3 weken voordat kruipende luizen gezien worden. 

De volgende 10 bevindingen wijzen echter eenduidig op een luizenbesmetting. Als een verdacht geval gevonden is, moet intensief naar verdere aanwijzingen gezocht worden en moeten hoofdluizen in levende stadia uit de haren gekamd worden. 

  1. In rust voelt men gekriebel in het haar: dit zijn de bewegende luizen
  2. Bij het kammen vallen kleine snoeren van ronde, grijsbruine deeltjes op: dit zijn de uitwerpselen van de luizen
  3. Haren kleven licht aan elkaar: de uitwerpselen van luizen en het wondvocht zijn ‘kleverig’.
  4. Witte ‘pukkeltjes’ van ongeveer 1 mm vallen op (met name in donker haar): dit zijn de lege luizeneitjes.
  5. Bij het scheiden van de haren met de hand, kruipt er snel iets weg: Luizen zijn lichtschuw, lopen snel, maar springen niet.
  6. Bij het kammen vallen gelige deeltjes van 1-3 mm groot op, die na een korte pauze proberen weg te lopen: Nimfen, dat zijn de volwassen luizen, die kunnen bij het kammen/borstelen toevallig uit het haar verwijderd zijn. 
  7. Jeuk: steekplekken zijn door het luizenspeeksel ontstoken en door het krabben zijn er bacteriën binnengedrongen. Er kunnen zich korsten of zelfs eczeem vormen. 
  8. De kinderen zijn ondanks voldoende nachtrust ’s morgens niet uitgeslapen of onrustig: het krabben of de jeuk van de luizensteken hebben de slaap verstoord, vaak al voor langere tijd. 
  9. De Lymfeklieren in de hals zijn licht gezwollen: door het krabben zijn de bacteriën in de steekwonden gekomen, wat tot ontstekingen heeft geleid. 
  10. De haren ruiken muf: ondanks het wassen, behoudt het wondvocht zijn geur. 

Hoofdluizen
Hoofdluizen zijn bruin van kleur en groeien in hun ontwikkeling van ongeveer 0,5 mm tot een grootte van 3 mm. Ze zijn te herkennen aan hun krioelende beweging. Inspecteer het haar goed dicht bij de hoofdhuid. Kam het haar zorgvuldig vanaf de hoofdhuid tot de haarpunten. Het beste kunt u gebruik maken van een metalen luizenkam met een zo klein mogelijke afstand tussen de tanden van de kam. 

Hoofdluis wordt vaak ontdekt omdat het kind veel jeuk heeft op het hoofd. Als de luizen pas kort aanwezig zijn bij het kind, kan het zijn dat er nog geen jeuk gevoeld wordt.

Eitjes 
Dicht bij de hoofdhuid kunt u bruinachtige luizeneitjes ontdekken, met daarin de groeiende larven. 

Neten  
De witte luizeneitjes (neten), waar de luizen al uitgekropen zijn, blijven aan de haren kleven. Deze raken niet vanzelf los en kunnen door de kleefkracht alleen langs de lengterichting van het haar afgestreken worden.